|
Waarom
niet te weinig eten?
Je weet het vast wel, als je wilt
afvallen kun je maar beter niet te
weinig eten.
Toch is het heel verleidelijk,
want het geeft je in het begin
snel gewichtsverlies. Maar op
termijn maak je het jezelf niet
makkelijk...
Weinig
eten heeft als voordeel dat je
maag en darmen minder gevuld zijn.
Dat kan al gauw een halve kilo
gewichtsverlies opleveren.
Bovendien voel je je met een lege
buik een stuk lichter, waardoor je
het idee krijgt dat je goed bezig
bent.
Verder verlies je je glycogeenvoorraden. Glycogeen is
vergelijkbaar met zetmeel of
koolhydraten, en wordt opgeslagen in de
lever en in het spierweefsel. Als
je weinig eet, raken deze
voorraden op. Omdat glycogeen veel
water bevat, verlies je op deze
manier aardig wat gewicht.
Daarnaast val je met een karig
menuutje sneller af doordat je spieren
worden afgebroken....
De
weegschaal is met dit alles heel hoopgevend,
maar helaas is dit niet terecht.
Want je darmen en je
glycogeenvoorraden zijn na een
stevige maaltijd zo weer gevuld.
Maar dat is nog niet het ergste.
Bij een calorie-arm dieet gaat je
stofwisseling omlaag. Ofwel, je
verliest minder snel vet. En dat
wordt deels veroorzaakt door het verlies aan
spierweefsel.
Waarschijnlijk is die
verlaagde stofwisseling niet nieuw
voor je, en ook vrij logisch: als
je weinig eet, gaat je lichaam
zuinig om met energie.
Het verlies van spierweefsel is
wellicht lastiger te verklaren.
Immers, de meeste mensen hebben genoeg
vet om voorlopig op te
teren.
Er is dus geen reden om de spieren af te breken, zou je
zeggen.
Maar toch wel.
Dat komt doordat hersen-, zenuw en rode bloedcellen
geen vetten kunnen verbranden; ze
gebruiken enkel glucose, en dat moeten
ze hebben, anders sterven ze af. Helaas
is de glucoseopslag in je lichaam
beperkt en je lijf kan uit vetten geen glucose
maken. Eet je te weinig glucose
(of eigenlijk: koolhydraten) dan
hebben deze cellen dus een
probleem. Gelukkig kan dit
verholpen worden met behulp van je
spierweefsel: uit spiereiwitten
kunnen wel glucose worden
gevormd, en dat verklaart de
spierafbraak bij een karig
menu.
Een verlies aan spierweefsel is
jammer. Ten eerste maakt het je
lichaam minder stevig, en je
verliest wat kracht. Maar het
vervelendste is je dalende
stofwisseling.
Spieren verhogen juist de
stofwisseling, omdat dit
weefsel veel energie
gebruikt, ook al
beweeg je niet. Ofwel, wie
veel spierweefsel bezit, komt minder
snel aan, en valt sneller af. Spaar daarom dit weefsel door
voldoende te eten.
Hoeveel
kun je het beste eten?
Je hersenen alleen al verbruiken
500 kcal per dag. Daarnaast hebben
zenuwcellen en rode bloedcellen
glucose nodig. Zet daarom dagelijks wat
koolhydraten in de vorm van brood,
pasta, rijst en of aardappels op
het menu. (Bijvoorbeeld 4 boterhammen
en 4
aardappels).
Eet verder voldoende eiwit. Want bij een voeding met uitsluitend
koolhydraten ga je eveneens
spieren afbreken.
Voor spierbehoud zijn dus zowel koolhydraten
en eiwitten nodig.
Eiwit kun je halen uit vis, vlees,
kaas, melk, ei, noten en
vleesvervanger.
Daarnaast
zijn gezonde vetten noodzakelijk.
Vetten functioneren als brand- én
bouwstoffen en zijn daarom net
als koolhydraten en eiwit
onmisbaar voor het goed
functioneren van je lichaam. Vooral noten en vis dragen bij aan
een goede volwaardige voeding.
Dus,
wil je op een verantwoorde manier
afvallen met blijvend
gewichtsverlies, eet dan op z’n minst een
minimale hoeveelheid koolhydraten,
vetten en eiwitten. Uitgedrukt in
calorieën, kom je ongeveer uit op een
dagvoeding van 1400 calorieën.
|